Mededelingen
2. De oudste Steenwegen te Lapscheure

Antoon Vermeersch

a. De Eerste steenweg: Lapscheure - Damme

Nadat, in 1852, de stad Damme een ontwerp van een kasseiweg naar Brugge opgemaakt had, zag het gemeentebestuur van Lapscheure de noodzakelijkheid in, die steenweg door te trekken naar hun dorp, om aldus een verharde verbindingsweg te hebben met Brugge.

In 1856 bekwamen ze de toelating voor het aanleggen van die steenweg. De voorlopige begroting beliep 87.300 Fr.; het aandeel van Lapscheure was 10.000 F. Later werd een nieuwe begroting opgemaakt, en de onkosten werden vastgesteld op 114.000 Fr. Op 10 sept 1857 vroeg de arrondissements-commissaris de bijdrage van Lapscheure te verhogen. De gemeenteraad stemde 16.000 Fr.

Daartoe ging het gemeentebestuur op 18 jan 1863 een lening aan van 16.000 à 5 %. Jaarlijks zullen ze gedurende 32 jaar 500 Fr inkorten; daarvoor werden de grond- en personele belastingen verhoogd.

De aanbesteding had plaats in het gemeentehuis te Lapscheure op 14 juli 1863. Te dier gelegenheid is er een gedenksteen in de gevel van het oud ge­meentehuis ingemetseld.

De inhuldiging had plaats in 1866. Wij geven hierna de "schilderachtige" tafelrede, die de burgemeester te dier gelegenheid heeft gehouden.

De leden van de gemeenteraad waren: J. De Leyn, M. De Leyn, J. Van Houtte,

J. Dhondt, F. Matthys.

Iets voor de oorlog 1914-18 werd deze baan in ‘t dorp herlegd, verbreed en voorzien van voetpaden en riolering. In 1964-65 werd de baan herlegd vanaf de grens met Damme (hofstede Van Maele) tot aan de smidse van Meire's. Zij werd gebracht op een breedte van 6 m. In de Hoogstate werden voetpaden en riolering gelegd.

b. Tafelrede gehouden door Burgemeester Jacobus De Leyn, bij de inhuldiging van de Steenweg Lapscheure-Damme

Mijnheeren,

Het Gemeentebestuur, met een bijzonder genoegen zijne gedane uitnodigingen tot dit feestmaal door al beantwoord zijnde, waerom het U zijnen dank betuigd, vermeend deze gelegenheid niet te mogen laten voorbijgaen zonder eenige woorden van omstandigheid tot U te richten omdat dit feest, hoe nederig het ook zij, zoo vreugdig mogelijk en te gedenkwaardiger weze zou.

Het is ons allen reeds bewezen, van welk nut de kalsijweg is en altijd zijn zal voor de gemeente Lapscheure, die in vroeger jaren gelijk als verholen lag, beroofd van bijzondere gemeenschapswegen, ook lang geteisterd en gekweld door de overstromingen van wateren, immers in eenen droevigen toestand en om zoo zeggens als verlaten en nochtans onderworpen aen een lot die doch, zoo als alles is beschikt, eens eindigen moest.

In 1847, werd de Zelzaetsche vaert daergesteld, die de landerijen van den geessel der wateren verlostte en een groot deel van Lapscheure, als het ware, herleven deed. Deze heilzame verbetering door het Staetsbestuer aen de gemeenten van het Noorden van Brugge, geschonken, deed bij de inwoners van Lapscheu­re de zucht na verdere vooruitgang ontstaan, men sprak van een steenweg, dat men zulks bekomen kon, zegde men, maer hoe? Lapscheure, die zulke kleine bevolking telt, eene gemeente die zoo weinig inkomsten heeft, waer de geldmiddelen gezocht om een derde te dragen der kosten die zouden aanzienlijk zijn; en, ziet daer op eens, in 1852 voor het daglicht komen, het ontwerp van een kalseiweg van Brugge naer de gemeente Damme, welk ontwerp eenige jaren later werd uitgevoerd.

De verwezenlijkheid van dit einds steenweg, gaf het sein aen de gemeente Lapscheure, om dadelijk een algemeen gevoelen te doen ontwekken, dat men niet langer wachten mocht voor de voorttrekking van dien weg naar Lapscheure, met vastberadenheid aen te vragen. De vrees der groote kosten, nog deze der weinige middelen, die men voor handen had om tot de uitvoering van dit zoo nuttig werk te geraken, waren niet bekwaam om de drift te weerhouden, waermede eenieder bezield was. In 1856 werden de eerste voetstappen door het Bestuer, namens de ingezetenen, aengewend bij de hoogere Overheid, ten einde eenen steenweg naer deze gemeente te verkrijgen, en zie daer, wat aenhoudende pogingen vermogen, en na tien jaren, volgende op een eerste voorstel, eenen steenweg naer Lapscheure, uitgevoerd en ingehuldigd.

De voltooing der werkingen van den steenweg waervan heden de definitieve overneming is gedaen door den Heer Kommissaris der wegen, die ons feest met zijne tegenwoordigheid heeft willen vereeren, dient welligt als een bijzondere en buitengewone gebeurtenis te worden aangestipt ten baete der gemeente, die zijn welvaert en voorspoed door de daerstelling van dien weg ziet uitgebreid en er door nieuwe bronnen heeft doen te voorschijn komen om doer vertakkingen van groote Communicatie met andere gemeenten, verdere regtstreeksche betrekkingen tot stand te brengen.

Wie zou eertijds eens hebben gedacht dat dit zoo voordeelig werk van een steenweg, waervan de kosten daer inbegrepen deze zandstraet, tot de aenzienlijke som van rond de 114.000 Fr beloopen, zou uitgevoerd zijn geweest, mits eene geldelijke bijdrage der gemeente van ruim 16.000 Fr in kapitael, en dit zonder dat de lasten der inwoners op eene gevoelige wijze zijn moeten verzwaerd worden; zoo het ons allen bekend is, is het bedrag der abonnementsrol, niet moeten wor­den verhoogd, om de kosten te dekken, slechts een vijftiental additionele centiemen op de grondbelasting, en vijf centiemen op de personnele Contributien, worden er jaerlijks geheven in behoeve der gemeente om de interesten te ontdragen der gedane leening, waervan telken jaere, reeds een deel, sedert 1864, wordt afgelegd. Die kleine last der gemeente uit hoofde van den steenweg, is te danken aen de geldelijke tusschenkomst van den Staet en de Provincie, mitsgaders van de geinteresseerde Wateringen en de gemeente Damme.

Op dien voet eenen steenweg bekomen die geenzinds den geldelijken toestand der gemeente heeft geschokt, en die buiten het reeds bekomen voordeel eene hoopvolle toekomst voor Lapscheure doet te gemoet zien, is zekerlijk eene schoone zaek, die het feest van heden verdient, want wie weet of misschien bij 100 jaren, niet menig naem van deze die hier tegenwoordig zijn door het nakomelingschap alhier, als eene dankbetuigende herinnering zal worden uitgesproken bij het aendenken aen hen die het hunne hebben bijgedragen om de gemeente te doen begiftigen met iets waervan de voordeelen en onwaerdeerlijkheid en deszelfs heilzame gevolgen onbepaeld zijn.

Verheugen wij ons gevolgelijk, M.M. over den reeds bekomen uitslag en laet ons een aengenaem geheugen bewaren van den dag op welken het Bestuur in zulke gelukkige omstandigheid, zich vereenigd ziet, met de gemeentekiezers aen welke het zijn mandaet verschuldigd is.

Geleid door deze eendragt, stelt het Bestuur voor, M.M. van een glas tot den bodem te ledigen, op elkaers gezondheid, maer laten wij voor eerst eene plicht vervullen, die in alle samenkomsten van dezen aerd niet uit het oog mag verloren worden; dit is eenen toast op te dragen, die eenieder en alle ware Belgen zoo duerbaer aen het harte ligt, eene gezondheidsdronk aen onzen jongen en beminnelijken Monarch: Leopold II, een nieuwe hoop voor België, onder alle opzichten zijns doorluchtigen Vader waerdig, opdat men hem lange jaren aen het hoofd van ‘s lands bestier zouden mogen behouden, tot geluk en welstand van het Vaderland. Lang leve dus Z.M. den Koning en de Koninglijke Familie.

c. De Steenweg Lapscheure-Hoeke, en de Brug over de Vaart naar Sluis

13 Juli 1840. Het gemeentebestuur van Hoeke laat aan het gemeentebestuur van Lapscheure weten: "... dat de dammen gemaekt in de vaert van Brugge naer Sluys (gedurende de Revolutie van 1830), gelegen in hare gemeente, zullen afgebroken worden en dat de gemeenschap van het Zuiden naer het Noorden geheel zal verhinderd zijn, vraegt dat Lapscheure ook voor een deel zou tusschenkomen voor het aenleggen van een brug..."

Lapscheure antwoordde: "... Overwegende dat deze gemeente maer een zeer klein voordeel zoude kunnen genieten van deze stichting; dat het zeker gemakkelijk zoude zijn de gewone gemeenschap der gemeenten; Houcke, Westcappelle, Heyst enz. te bekomen al Sluys zoals de zelve voor de Omwenteling bestond. De gemeenteraed is van advies geene fondsen toe te staen voor de bouwing van eene brug..."

Wat Theo Daeninck, geboren in 1872 daarover verteld heeft: "Ik heb de brug zien bouwen en beproeven. Het beproeven gebeurde op dezelfde dag dat mijn groot-oom, Sissen Boydons, begraven werd. Na het Lof ging ik kijken. Ik heb het volgende gezien: Op de noordoever stond een camion geladen met arduinstenen. Op de zuidoever stonden drie paarden, die bij middel van lange kettingen de geladen wagen moesten over de brug trekken, terwijl een man met een apparaat stond te kijken als de brug niet zakte. De brug begaf niet, maar als de camion er over was, zakte hij tot aan de as in de nieuwe kalsijde,

De steenweg Lapscheure-Hoeke werd aangelegd in de jaren 1890-1893.

d. De Steenweg naar Moerkerke

Deze steenweg is ongeveer in dezelfde tijd als de steenweg Lapscheure-Hoeke aangelegd. Moerkerke verlangde een harde verbindingsweyg naar de kust. Die baan werd uitgestippeld van 't Molentje (Moerkerke) naar de Vrede (baan naar Lapscheure-Damme). Gezien die weg vanaf de Preekboom op Lapscheure's grondgebied ligt, moest Lapscheure de helft betalen.

Lapscheure wilde wel zijn deel betalen, maar de kalsijde moest vanaf de Preekboom, op de Sint-Pietersdijk gelegd worden, gezien er langs daar 4 hofsteden en enkele boerderijtjes waren.

De Moerkerkenaren begonnen te rekenen en kwamen tot het volgende besluit De afstand al over de Sint-Pietersdijk is bijna dubbel zo lang als de afstand Preekboom-De Vrede. Onze bijdrage zal zo groot zijn dat we met dat geld de kalsijde Preekboom-De Vrede geheel op onze kosten kunnen leggen. Zo hebben zij de onteigening gedaan en de kalsijde op hun kosten gelegd. Nu nog zorgt Moerkerke voor het onderhoud van deze steenweg.

e. De Natiebaan

De Natiebaan is de baan van Maldegem naar Knokke. Op het grondgebied van Lapscheure: vanaf de grens van Hoeke, naar Lapscheure dorp, en verder tot aan den Hoorn op Moerkerke. Dan loopt die baan over Leestjesbrug naar Malde­gem. Deze baan is gelegd in 1935-36.

Het eerste project was van Sijsele naar Moerkerke over Sarepta, Moer­kerke dorp, Het Molentje, de kalsijde tot aan de Vrede, en dan dwarsdoor het land naar Hoeke brug. Zij volgden dit tracee omdat het allemaal bestaande wegen waren. Maar daarentegen gingen ze veel huizen en stallen moeten onteigenen en veel kronkelwegen rechttrekken.

Zij hebben van dat ontwerp afgezien en een nieuw gemaakt: van Maldegem naar Lapscheure dorp, 9 km verse weg, dwars door het veld. Deze grond heeft de Staat moeten betalen 3 à 4 fr. de vierkante meters en ze heeft slechts 2 hui­zen moeten onteigenen.

De oudste steenwegen te Lapscheure

Antoon Vermeersch

Rond de poldertorens
1970
04
156-159
Ludo Sterkens
2023-06-19 14:38:19